ondertitel

Het verhaal van Ritmeester Von Esmarch

25/08/1914

25 augustus 1914

“ Het was dinsdag 25 augustus 1914. Wij waren ’s avonds om 6 uur met den trein in Leuven aangekomen en hadden de paarden en den eersten échelon gelost. Wij zouden naar een Belgische huzarenkazerne marcheeren, de dieren voeren en kwartier betrekken. Onderweg bracht de adjudant mij beval, dat er alarm was geblazen, aangezien onze troepen een 10 km van de stad in gevecht waren. De paarden en de eerste échelon moesten zich naar de Place de la Publique begeven, daar moest er gevoerd worden en vervolgens moesten wij ons bij de troepen voegen. De bevelhebber was in een automobiel vooruitgegaan. Wij stelden ons dus op het plein op. Inmiddels werd het 8 uur. Het begon donker te worden. Regimenten infanterie marcheerden ons voorbij.  Aangezien ik maar weinig manschappen ter bescherming van de handwagens had, verzocht ik van een van die regimenten infanterie een compagnie ter versterking? Toen ik deze aan het benedeneind van het plein had opgesteld, reed ik naar het boveneind naar den voermeester, om hem tot spoed aan te zetten.”

“Nauwelijks was ik bij hem of ik hoorde het 9 uur slaan? Het was nu volslagen donker? Tegelijkertijd zag ik een raket opstijgen? Op hetzelfde oogenblik werden wij uit alle huizen beschoten. De inwoners schoten door de neergelaten blinden, waaruit men het zag bliksemen. Er moesten dus van te voren  in de blinden gaten geboord zijn, dat wil zeggen, dat de geheele overval was voorbereid.”

De ritmeester galopeerde naar de compagnie, maar werd onderweg van het paard geschoten, getroffen door vier kogels en ettelijke schampschoten. Vervolgens werd hij door een treinwagen overreden, waarvan de paarden op hol waren geslagen. Zijn oppasser redde hem het leven, en hij kon nog de compagnie bereiken en bevelen geven.

De compagnie schoot intusschen op alle huizen, waardoor het vuur der inwoners tot zwijgen werd gebracht. De bewoners van het plein hadden, aar het schijnt, in de donkerte niet bemerkt, dat de compagnie was achtergebleven en werden nu waarschijnlijk bang. De manschappen van de compagnie verdeelden zich over de huizen, sloegen de deuren in en staken de huizen in brand, door brandende petroleumlampen in de kamers te slingeren of gasarmen af te breken en het uitstroomende gas aan te steken en kleeden en gordijnen in de vlammen te werpen? Zoodra de rook sterker werd, kwamen de franctireurs uit hun huizen de trappen af. Zij hadden nog de wapens in de hand: jachtgeweren, revolvers, legergeweren, enz. Het waren verwilderde gestalten, schuim der maatschappij, zooals ik ze nog nooit in mijn leven heb gezien. Zij werden natuurlijk door de beneden staande posten neergeschoten. Daarbij lieten onze brave mannen alle vrouwen en kinderen ongedeerd door.

Tags: ,